Sommaire

De veiligheid van bestuurders en passagiers is een fundamenteel element van verantwoord rijden. De regels betreffende hun plaats in het voertuig, het dragen van de gordel en de beveiligingssystemen zijn bedoeld om alle inzittenden te beschermen bij een ongeval.

Bestuurders en passagiers

Plaats van bestuurders en passagiers

In een voertuig: het is verboden om passagiers mee te nemen op de buitendelen van de passagiersruimte. Het aantal passagiers mag het aantal zitplaatsen uitgerust met veiligheidsgordels niet overschrijden. Minimale ruimte voor de bestuurder: 55 cm, passagier 40 cm. Minimale ruimte van 135 cm om 2 passagiers vooraan toe te laten.

Het naleven van de veiligheidsregels betreffende bestuurders en passagiers is essentieel om het risico op ernstige ongevallen te beperken. Of het nu gaat om het dragen van de gordel, de installatie van kinderen of het vervoer van passagiers op tweewielers, deze maatregelen redden dagelijks levens.